Teksten uit de cisterciƫnzer traditie

Arbeid in het klooster

Als er in het klooster ambachtslieden zijn kunnen zij hun ambacht in alle nederigheid beoefenen, wanneer de abt het toestaat. Als iemand van hen verwaand is op zijn vakkennis, omdat hij meent iets voor het klooster te betekenen, wordt zo iemand uit zijn ambacht verwijderd en komt hij er niet opnieuw in terug, tenzij hij zich vernederd heeft en de abt het weer goed vindt.Als men iets moet verkopen van wat de ambachtslieden gemaakt hebben, moeten zij door wier handen het gaat er zich voor wachten enig bedrog te plegen.

Laten zij altijd denken aan Ananias en Saphira, om niet de dood die hen in het lichaam trof, zelf in de ziel te ondergaan, zij en allen die enig bedrog plegen in het kloostergoed. Bij het vaststellen van de prijs mag de ondeugd van de hebzucht niet binnensluipen, maar men moet juist alles iets goedkoper geven dan anderen in de wereld het kunnen doen, 'opdat God in alles worde verheerlijkt'.

Uit: de Regel van Benedictus, hoofdstuk 57
(Over de ambachtslieden van het klooster)

< terug naar het overzicht

armoede, gehoorzaamheid, zuiverheid Cisterci&eumlnzergroep Sion